(Novum) - Twee sergeants van een verkenningspeloton in Uruzgan dat vorig jaar september op non-actief werd gesteld, willen eerherstel. Defensie bracht destijds naar buiten dat de twee op non-actief werden gesteld omdat zij opdrachten niet uitvoerden.

Daarom zouden ze niet in staat zijn leiding te geven. Ook tegen andere leden van hun peleton werden disciplinaire maatregelen genomen.

Wat er was gebeurd, werd destijds niet helemaal duidelijk gemaakt. Defensie hield het erop dat de verkenners weigerden een minder ervaren eenheid te beschermen bij taken die ze liever zelf hadden willen uitvoeren. In de Volkskrant vertellen de sergeants een heel ander verhaal.

Ze zeggen dat ze de in- en uitgangen van een Talibanbolwerk in een vallei moesten observeren. Daarbij moesten ze nagaan hoe dicht ze het stadje konden naderen zonder beschoten te worden.

De sergeants vroegen 96 uur voorbereidingstijd, maar kregen naar eigen zeggen slechts 48 uur. Dat leidde tot tweespalt, waarbij een kapitein uiteindelijk met een lat op tafel zou hebben geslagen en erop zou hebben gewezen dat zijn grootmoeder Duits is. "Ik ben een Pruisisch leider en bij mij geldt: befehl ist befehl", zou de kapitein hebben geroepen. "Wie van jullie daarbij sneuvelt, interesseert me geen reet. Het lichaam wordt geborgen en naar de familie teruggestuurd."

De volgende dag zou de kapitein hen hebben gevraagd of ze 'voor of tegen' hem zijn. Omdat de kapitein weigerde toe te lichten wat hij bedoelde, liep een van de weggestuurde sergeants de kamer uit, met de rest van zijn peloton in zijn kielzog.

Uit notulen blijkt volgens de Volkskrant dat de kapitein meermalen is geadviseerd geen aangifte in te dienen, maar hij deed dit toch. Een van de twee werd teruggestuurd, hij tekent beroep aan tegen dat besluit.

Zijn advocaat, Michael Ruperti, zegt dat twaalf getuigen uit zijn peloton hem steunen. Justitie concludeerde overigens eerder al dat geen strafbare feiten zijn gepleegd. Er zou alleen sprake zijn van communicatiestoornissen en misverstanden.